Afbeelding
Foto: Kavel Vastgoed

Raad van State: aangepast plan voor 69 appartementen aan Dorpsdijk mag blijven

Algemeen

RHOON - Het aangepaste plan voor maximaal 69 appartementen op de Palsgraaflocatie aan de Dorpsdijk in Rhoon blijft in stand. De Raad van State heeft de bezwaren van omwonenden tegen het aangepaste wijzigingsplan ongegrond verklaard. Het oorspronkelijke besluit van het college uit 2024 is wel vernietigd, omdat dat niet zorgvuldig genoeg was voorbereid.

Het plan voor de percelen Dorpsdijk 116-130 maakt maximaal 69 appartementen mogelijk. Daarnaast is er ruimte voor 120 vierkante meter aan zorg of een maatschappelijke functie. Volgens de stukken gaat het om 38 koopappartementen in de vrije sector en 31 betaalbare en middeldure huurappartementen. Bij beide delen ligt het accent op woningen voor senioren.

Omwonenden kwamen tegen het plan in beroep bij de Raad van State. Zij vrezen onder meer dat de bebouwing te groot en te hoog wordt voor de omgeving. Ook maakten zij bezwaar vanwege minder zonlicht en lichtinval, aantasting van hun privacy en de gevolgen voor het dorpse karakter van Rhoon.

Het college van burgemeester en wethouders stelde het wijzigingsplan in september 2024 vast. Tijdens de beroepsprocedure bleek dat een deel van de regels over de bouwmogelijkheden niet correct was. Het college paste het plan daarom op 24 februari 2026 aan.

In dat herstelbesluit zijn onder meer foutieve planregels gewijzigd. Ook kwamen er regels voor dakhellingen en dakkapellen en verdwenen enkele mogelijkheden om van de toegestane bouwhoogtes af te wijken. Daarnaast kreeg een deel van het gebied de bestemming Groen.

Bebouwing mag maximaal 15 meter hoog zijn

Een belangrijk bezwaar van omwonenden ging over de omvang van de nieuwbouw. Op delen van de locatie mag tot maximaal 15 meter hoog worden gebouwd. Volgens omwonenden past dergelijke bebouwing niet bij het dorpse karakter van Rhoon.

De Raad van State gaat daarin niet mee. De mogelijkheid om onder voorwaarden tot 15 meter hoog te bouwen stond al in het bestemmingsplan Rhoon Dorp uit 2014. Tegen die mogelijkheid is destijds geen beroep ingesteld.

De hoogste bestuursrechter erkent dat de nieuwbouw op sommige plaatsen groter wordt dan de bestaande bebouwing in de omgeving. Dat betekent volgens de uitspraak echter niet dat het college het plan daarom moest afwijzen. In de omgeving is ook bebouwing toegestaan met vergelijkbare hoogtes.

Ook het beeldkwaliteitsplan voor Rhoon Centrum is volgens de Raad van State voldoende bij de beoordeling betrokken. Het college mocht daarom concluderen dat de bouwmassa bij het dorpskarakter past.

Minder zonlicht op enkele plaatsen

De Raad van State keek ook naar de gevolgen voor privacy, lichtinval en bezonning. Volgens de uitspraak is enige inkijk vanuit de nieuwe appartementen mogelijk, maar hebben de omwonenden niet aannemelijk gemaakt dat hun privacy daardoor onevenredig wordt aangetast.

Uit onderzoek van adviesbureau Peutz blijkt dat op enkele plaatsen niet volledig aan het gebruikte criterium voor bezonning wordt voldaan. Dat geldt onder meer op 21 oktober voor de woning aan Werkersdijk 4 en voor enkele woningen aan de Dorpsdijk.

De afwijkingen zijn volgens het college beperkt. Tussen 21 maart en 21 september wordt wel aan het bezonningscriterium voldaan. Het college mocht volgens de Raad van State daarnaast het belang van woningbouw en de verbetering van het gebied meewegen.

De Raad van State concludeert daarom dat de gevolgen voor de bezonning niet onevenredig zijn.

Omwonenden krijgen deels gelijk

Opvallend is dat de beroepen van de omwonenden tegen het oorspronkelijke besluit uit 2024 wel gegrond zijn verklaard. Het college had zelf al erkend dat de regels voor de bouwmogelijkheden in dat plan niet correct waren.

Volgens de Raad van State was het besluit daardoor in strijd met de wettelijke eis dat een besluit zorgvuldig moet worden voorbereid. Het oorspronkelijke besluit van 10 september 2024 is daarom vernietigd.

Dat betekent echter niet dat het aangepaste woningbouwplan van tafel is. Het college had de fouten tijdens de procedure al hersteld met het besluit van februari 2026. De bezwaren tegen dat herstelbesluit zijn door de Raad van State ongegrond verklaard.

Daarmee blijft het wijzigingsplan gelden zoals het in februari 2026 door het college is aangepast.

Het college moet aan twee appellanten gezamenlijk 1.868 euro aan proceskosten vergoeden. Ook moet het betaalde griffierecht worden terugbetaald aan beide groepen omwonenden die beroep hadden ingesteld.

Advertenties uit de krant