
Mirte: startnummer 36400
AlgemeenVorig jaar rende ik mijn eerste vijf kilometer tijdens de Waalbos prestatieloop in Ridderkerk. Wat begon als een grapje op werk, met “wij rennen achter nieuws aan”, groeide uit tot een liefde voor hardlopen. Nooit gedacht dat ik dit zou zeggen, maar wat is hardlopen leuk! En wat heb ik afgelopen zondag genoten van de NN Marathon Rotterdam.
Nee, ik liep geen hele marathon. Ik liep tien kilometer. Ik heb enorm respect voor iedereen die ruim vier keer zoveelkilometers heeft afgelegd als ik. Complimenten! Ik voel me bijna een beetje stom om te zeggen dat ik zelf mee heb gedaan met de tien kilometer, omdat die prestatie niet te vergelijken is met die van het lopen van de marathon, maar vergelijken doe ik niet. Want wat heb ik genoten. Ik vond het een feestje. Ik heb van het begin tot het eind met een glimlach gelopen en zelfs bij de finish een paar vreugdesprongetjes gemaakt.
Laat ik beginnen bij het begin: het startnummer ophalen. Ik heb nog nooit eerder meegedaan met een evenement als dit, dus vol onwetendheid liep ik het WTC-gebouw in met de gedachte dat ik in de rij moest staan, mijn nummer kreeg en daarna naar huis mocht. Maar! Niks was minder waar.
Ik kwam terecht in een hardloperswalhalla. Een plek waar je hart sneller gaat kloppen als je van hardlopen houdt. Mijn startnummer had ik zo te pakken en daarna ben ik van stand naar stand gegaan, want om de paar meter stond daar een sponsor met van alles en nog wat om je over te halen net wat langer bij hen te blijven staan. Denk aan een enorme muur waarop je een deelnemer succes kon wensen of de vele stands waar je een proteïnereep mocht proeven.
Mocht je in de stress vergeten zijn schoenen of kleding aan te schaffen, dan kon dat daar ook ter plekke. En ja, ik moet eerlijk toegeven dat ook ik last minute nog een zwart hardloopbroekje wilde scoren.
Dat was dag één. Mijn enthousiasme kon niet op en ik mocht de tien kilometer nog rennen.
Zondag, 09.30 uur, wave twee met startnummer 36400. Kan niet fout gaan, zou je denken. Maar jawel hoor. Ik zou Mirte niet heten als ik in de verkeerde wave terecht kwam. Dat mocht de pret niet drukken. Zodra ik over de start stapte, ging ik ervoor. Rennen, dacht ik! En wat heb ik genoten. Mensen die je niet kent, die je naam keihard roepen. “Kom op Mirte!” Huh, ken ik jou? Nee, ik kende ze niet, maar zij zagen wel mijn naam op mijn startbewijs staan.
Mijn doel was om hem binnen het uur te lopen en om hem zo te lopen dat ik bij de laatste honderd meters nog voldoende energie had om te versnellen. Met een trotse 52 minuten en 54 seconden kwam ik over de finish. Ik heb mijn medaille niet meer afgedaan.
Volgend jaar doe ik weer mee!
Mijn doel is dan onder de 50 minuten te lopen en te kunnen zeggen: “Ik ren voor het nieuws uit.”
















