Bevolkingsonderzoek borstkanker: Nieuwe ronde in Rhoon
Logo deschakelalbrandswaard.nl
Foto:

Bevolkingsonderzoek borstkanker: Nieuwe ronde in Rhoon

RHOON - Het bevolkingsonderzoek naar borstkanker heeft door COVID-19 een tijd stil gelegen. Vanaf deze week kunnen vrouwen uit Rhoon die zijn geboren in de jaren 1946 t/m 1971 weer meedoen aan het tweejaarlijkse bevolkingsonderzoek borstkanker. 

Om alle vrouwen op redelijke termijn te helpen, vragen we de vrouwen uit Rhoon om deze ronde van het bevolkingsonderzoek naar de vaste borstonderzoekscentrum in Rotterdam (Haasstrechtstraat 110) te komen. Op deze locatie is de capaciteit groter. Er zijn meer apparaten om de borstfoto’s te maken, waardoor we meer vrouwen kunnen helpen. Het vaste borstonderzoekscentrum bevindt zich op de Zorgboulevard Maasstad, bij station Lombardijen, tegenover het Albeda College. Tot medio april 2021 worden ruim 4400 vrouwen uit Rhoon per brief uitgenodigd om borstfoto’s te laten maken.

Het heeft uiteraard de voorkeur om vrouwen in hun eigen gemeente te helpen. Over twee jaar komen ze daarom graag weer in Rhoon langs met het mobiele onderzoekscentrum. 

Bevolkingsonderzoek
Alle vrouwen in deze leeftijdscategorie ontvangen eens per twee jaar een schriftelijke uitnodiging van Bevolkingsonderzoek Zuid-West. Het onderzoek bestaat uit het maken van röntgenfoto’s van beide borsten. Dit gebeurt in een (verplaatsbaar) onderzoekscentrum van Bevolkingsonderzoek Zuid-West. Deelname aan het onderzoek is vrijwillig.

Het doel van het bevolkingsonderzoek borstkanker is het zo vroeg mogelijk opsporen van afwijkingen die kunnen wijzen op borstkanker. Als borstkanker vroeg wordt ontdekt, is de behandeling vaak minder ingrijpend. Het bevolkingsonderzoek is een momentopname en geeft geen volledige garantie. Indien vrouwen klachten hebben of veranderingen opmerken aan hun borsten, wordt hen aangeraden niet op een uitnodiging voor het bevolkingsonderzoek te wachten, maar naar de huisarts te gaan.

Meer informatie over het bevolkingsonderzoek borstkanker is te vinden op www.bevolkingsonderzoeknederland.nl.

Meer berichten